|
Verborgen in rimpels en dekens
No flash player installed on this computer!
Dementie is het onderwerp van de poëziebundel van Peter Swanborn. Hij beschreef de ziekte van zijn moeder in 37 gedichten: thuis wonen terwijl het eigenlijk niet meer ging, de tijd in een zorgcentrum en de laatste periode, voorafgaand aan haar sterven. Swanborn leest, speciaal voor lezen.tv, de eerste twee delen van de bundel voor.
Twitter: lezenpunttv
(22 minuten)
Peter Swanborn (1963) debuteerde in 2007 met 'Bij het zien van zijn lichaam', in de Contrabas-reeks. Deze bundel werd genomineerd voor de C. Buddingh'-prijs voor het beste poëziedebuut van 2007.
Begin 2009 verscheen Een koud bad, geschreven in opdracht van de Zeeuwse Slibreeks. Deze bundel met 24 liederen over verdronken Zeeuwen werd genomineerd voor de PZC-publieksprijs.
Najaar 2009 verscheen bij uitgeverij Podium 'Tot ook ik verwaai', een monument voor een dementerende moeder.
Sinds 2001 is Peter Swanborn als tekstschrijver verbonden aan Nieuw Muziektheater Rotterdam. De belangrijkste producties zijn de kameropera´s 'Strijd & Onthechting', 'Bij Gebrek aan Conversatie', 'Tegen de lamp' en de kerkopera 'GodsEigenTweeling'.
Zomer 2010 volgt de première van 'AMYGDALA' tijdens de Operadagen Rotterdam.
Gedichten en artikelen van Peter Swanborn verschenen onder meer in 'De Gids', 'Süddeutsche Zeitung', 'De Zingende Zaag', 'Poëziekrant' en 'Tortuca', waarvan hij sinds 2006 redactielid is. Zijn poëzie is in meerdere talen vertaald. Sinds 1997 is hij als literair medewerker verbonden aan 'de Volkskrant'.
Voor 1997 was hij werkzaam als beeldend kunstenaar en fotograaf.
|
|
Een eerlijke bundel
No flash player installed on this computer!
In Thomas Möhlmanns tweede poëziebundel 'Kranen open' mag er veel meer 'ik' gelezen worden als er ik staat, meldt de dichter. En als je het niet wollig zegt komt dat neer op het accepteren van een grotere volwassenheid.
Twitter: lezenpunttv
(30 minuten)
Thomas Möhlmann (1975) studeerde moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam en organiseerde programma’s in onder meer literair theater Perdu, Café De Doffer en cultureel centrum SPUI25.
Hij werkt voor het Nederlands Letterenfonds (voorheen: Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds), is hoofdredacteur van poëzietijdschrift 'Awater' en samensteller van meerdere poëziebloemlezingen. Zijn debuutbundel 'De vloeibare jongen' verscheen in september 2005, werd in 2006 genomineerd voor de C.Buddingh’-prijs en in 2007 bekroond met de Lucy B. & C.W. van der Hoogt-prijs. In het najaar van 2009 verscheen zijn nieuwe bundel: 'Kranen open.
'
|
|
'Toch wel prachtig, poëzie'
No flash player installed on this computer!
'Ik vind poëzie de beste vorm van formuleren; ik houd van heel kernachtig. 't Helpt dat ik doof ben, want ik moet me nu wel op kernachtige conversaties richten. Dus in feite ligt mijn doofheid in de lijn van mijn dichterschap.' Elly de Waard, met een grote grijns, bij het verschijnen van haar zestiende bundel.
Twitter: lezenpunttv
(42 minuten)
Elly de Waard schreef meer dan vijftien jaar over popmuziek voor de Volkskrant en Vrij Nederland en gold als een der spraakmakers op dit terrein. Ze debuteerde laat als dichter, in 1978, met de bundel Afstand.
Als dichter heeft Elly de Waard van meet af aan duidelijk stelling genomen. Ze keerde zich tegen de invloed van de Vijftigers en pleitte voor terugkeer naar een lyrische poëzie waarin op directe wijze uiting wordt gegeven aan emoties en gevoelens. Tot haar belangrijkste voorbeelden rekende zij dichteressen als Dickinson, Plath, Vasalis en Gerhardt. De Nederlandse poëzie moest naar haar mening worden gevitaliseerd door er de agressiviteit en emotionaliteit van de popmuziek in te laten doorklinken.
Met haar derde bundel, Furie (1981), heeft Elly de Waard werkelijk haar eigen stem gevonden: gepassioneerde liefdeslyriek, direct, met grote inzet geschreven. De liefde tussen vrouwen zal vanaf dat moment haar belangrijkste thema blijven. De heftige gevoelsuitbarstingen in haar gedichten worden aanvankelijk in balans gehouden door een zeer strakke vorm; in later werk weet zij weer losser te schrijven.
De kracht van Elly de Waard ligt in haar beeldend vermogen en in haar gevoel voor ritme. Zelf zegt ze over dit laatste: ‘Vaak neem ik mijn gedichten op de band op en beluister ze vervolgens. Dan hoor ik waar ik uit de maat ben. Ik heb het al eens eerder gezegd: dichters die hun eigen werk niet kunnen voordragen zijn geen goede dichters. Die hebben te weinig naar zichzelf geluisterd.’
In de jaren tachtig werd Elly de Waard actief in de vrouwenbeweging. Voor de stichting Amazone in Amsterdam leidde zij een poëzie-workshop voor vrouwen waaruit de groep ‘De Nieuwe Wilden’ ontstond.
In 1987 stelde zij een bloemlezing uit het werk van deze dichteressen samen onder de titel De Nieuwe Wilden in de Poëzie. Tevens was Elly de Waard betrokken bij de instelling van de Anna Bijns Prijs, een tweejaarlijkse onderscheiding voor het vrouwelijke geluid in de literatuur.
Elly de Waard woont in Castricum.
|
Ergens vechten nagels om een vacht
No flash player installed on this computer!
Ik zie, aldus Menno Wigman, dat een groot thema in mijn poëzie al een tijdje aan het afvallen is: dat is de liefde. De grote dichter Rilke zei al: Niets is al zo moeilijk als het schrijven van geslaagd liefdesgedicht. 'Vanochtend bij de tandarts aan je kont gedacht.'
Twitter: lezenpunttv
(32 minuten).
Menno Wigman wordt gezien als een exponent van de jonge, nieuw romantiek. Hij is duidelijk beïnvloed door de decadente dichters van het fin de siècle en zijn gedichten zijn doorspekt met melancholie, muziek en liefde. Sinds hij in 1997 debuteerde met 's Zomers stinken alle steden waarderen lezers en critici vooral het muzikale ritme en het schijnbare gemak van zijn gedichten. De vorm is onnadrukkelijk, de toon losjes, de onderwerpen gewoon en begrijpelijk, maar met verborgen angels en cynisme. Voor zijn tweede bundel werd hij bekroond met de Jan Campert-prijs. Hij is niet alleen bekend van podium-optredens bij een breed publiek, ook publiceerde hij aan de lopende band vertalingen en bloemlezingen. Het fin de siècle is bij hem nooit ver weg. Hij schrijft over hittegolven, onrust, een 'diarree van liefdes', hij is gul met uitroeptekens, demonstreert een afkeer van natuurlyriek en religieuze poëzie en bekijkt zijn eigen generatie met afstand, alsof ook die generatie al een eeuw geleden is. Dichters, vindt hij, moeten hun tranen opeten.
(Bron KB)
|
|
<< Begin < Vorige 1 2 3 Volgende > Einde >>
|
| Resultaten 1 - 4 van 11 |